Avatar-hoofdpijn blijkt echt te bestaan01/03/2010Een deel van de bezoekers aan de 3d-film Avatar verlaat de bioscoop met prikogen of hoofdpijn. Wetenschappers hebben inmiddels vastgesteld dat deze klagers geen simulanten zijn. Bij een vijfde van de bevolking blijken de ogen niet in staat om aan de hersenen één beeld af te leveren van wat met twee ogen gezien wordt. Het zijn de ogen, niet de hersenen, die in de war raken. Zij proberen scherp te stellen op het scherm, maar merken tegelijk dat zij moeten focussen op beelden achter en vóór het scherm. Dit leidt ertoe dat de coördinatie tussen de ogen en hersenen misloopt. Marc Lambooij, onderzoeker van de TU in Eindhoven, heeft een test ontwikkeld waarmee eenvoudig kan worden vastgesteld of iemand bevattelijk is voor de Avatar-hoofdpijn. Hij ontdekte dat de meeste mensen zich er niet eens van bewust zijn dat zij hier last van hebben. Dit blijkt pas wanneer zij een 3d-film bekijken of een driedimensionaal computerspel spelen. Ook bioscoopbezoekers die geen oogcoördinatieprobleem hebben, kunnen last van 3d-hoofdpijn krijgen. De klachten doen zich vooral voor als 3d-beelden met extreem veel dieptewerking gepaard gaan met heftige beweging in beeld. Regisseur James Cameron van Avatar heeft nu juist met deze combinatie de meest winstgevende film ooit gemaakt. De door Lambooij ontwikkelde test komt pas later beschikbaar op de consumentenmarkt, zodat de consument thuis zelf de dieptewerking van de tv of game-pc kan instellen. Bron(nen): Het Parool (27-2-2010) |
|